Coen Moulijn

 

Veel juichen kan het niet, 't altijd trouwe legioen

in deze barre tijden, waar 't eigen net vaak bolt

en hersens malen over hoe de bal weer rolt

en hoe het vroeger anders was met onze Coen:

 

Dreigt binnendoor, gaat buitenom, de linkerschoen

zet voor en Van der Gijp kopt in... en Coentje dolt

alwéér de rechtsback gek, wiens bloed zo stolt

dat hij slechts één ding moeiteloos kan doen:

 

Hij buigt 't arme hoofd, de kleffe handen klappen

Zijn ogen zijn verzwikt door elke schijnbeweging

Het lichaam krom, omdat hij steeds maar meeging

 

Het legioen ontbeert die visuele voetbalgrappen

en d' effectieve voorzet die men al eeuwen mist

en binnendoor én buitenom ging traag zijn kist

 

 

Aar Noordam                  Rijmer des Vaderlands

 

Uit: Overige sonnetten

 

 

14 januari 2011